Er wordt soms grappend verteld, dat Chinezen een tuinstoel stelen door hem alle dagen in je tuin 5 cm te verschuiven. Op een mooie dag, is ‘t ie weg en je had het niet in de gaten. Mij is net hetzelfde overkomen: zo’n eind fietsen, van Senlis naar Trier, oh la la, maar elke dag een stukje en kijk, zie daar, voilà, wir sind jetzt in Trier angekommen , 674 vuige kilometers heeft Ferus achter de hoeven. 😎
Doch we spoelen even terug naar het begin van de epiloogdag: hedenmorgen had ik de indruk dat ik meemaakte, wat de hardrock groep Deep Purple ooit meemaakte in het Zwitserse Montreux. Het in lichterlaaie staande casino van Montreux aan het meer van Genève veroorzaakte behoorlijk wat rook en de geboorte van Deep Purple’s meest bekende nummer “Smoke On The Water”:

Naast Beaufort heb je de Hallerbachvallei waar de mist was blijven hangen. Alhoewel de jeugdherbergbaas aanraadde om langs daar naar de vallei van de Sure te fietsen, vond ik ( en het Princessengeestje en Ferus) het niet leuk om door de mist te rijden, en dus reden we even rond langs Dillingen. Een beetje omweg, maar het was bergaf… lachende gezichten alom. Bye bye, leuke jeugdherberg…

Eens in de Surevallei, werden we uitermate verwend door een fantastisch fietspad, een snelweg als het ware, en dankzij de uitstekende bewegwijzering, stonden we in een minimum van tijd in Echternach ( de Letzeburgers spreken van Esjternasj). Het kerkuiltje op onze schouder werd even wakker en we moesten en zouden even de abt onze groeten overmaken. Wat een kersvers, gehuwde graaf kan meemaken.


In de annalen van Saint Bertin werden er in de 9e eeuw meer woorden opgeschreven m.b.t. een aardbeving dan over de geboorte van een prinses. We konden ons even inleven, toen we de gevolgen van een aardverschuiving aanschouwden:

Een vermanend tikje van het Judithgeestje op onze schouder deed ons herinneren aan het belang, neen, Het Grote Belang, van de geboorte van het prinsesje, 18 jaar geleden…
Zoals al eerder vermeld, verdient het G.H.Luxemburg de prijs voor beste fietspaden. Zeg nu zelf, een volledig aangelegde weg in de heuvelflank, ettelijke meters hoger dan de hoofdweg, schitterend toch? Ferus en begeleider konden hun geluk niet op.


Dat de Luxemburgers voorzien zijn van technisch vernuft, konden we een paar mijlen verder aanschouwen. Dat dit ding, in casu de Sauertalbrücke, blijft staan en dan nog behoorlijk wat verkeersgewicht kan dragen, gaat ons helmpje te boven.

Ter hoogte van Langsur, steken we de Sure over en betreden behoedzaam Germaans grondgebied. Een beetje verder zijn we getuige van de samenvloeiing van de Sure, pardon, nu Sauer, en de Mosel. Een rivier van een lichtelijk ander kaliber, zo te oordelen aan de boeien en de voorbijschuivende aken.
Echter, we hebben het zelfde probleem als bij de Maas: we moeten erover geraken! Geen eilandjes, of onverzettelijke overzetters deze keer, ook geen kasteelheren waarmee valt te onderhandelen. We laten Ferus rustig voortdraven, hij heeft er duidelijk zin, de heden morgen gesmeerde ketting rikketikt vrolijk over de tandwielen.
Aha, in de verte zien we de “Römische Brücke” of “Römerbrücke” en dat geeft ons de kans om Trier te betreden.

(foto Berthold Werner CC BY-SA 3.0)
En wat er soms werd verteld tijdens de kampvuren met de andere ridders toen we Lodewijk de Stamelaar ( broer van het geestje dat tijdelijk op mijn schouder leeft) nog dienden, het grote Romeinse bouwwerk is inderdaad indrukwekkend. Daar is ze dan de Porta Nigra en ook onze terminus.

Ferus was niet te paaien voor een fotosessie, de zwarte haver en de warme stal in de herberg vond ie veel te behaaglijk om nog een hoef te verzetten. Bij deze zijn we, zoals vermeld aan het begin van dit stukje, pardoes in Trier aangekomen… voetje voor voetje of liever hoefje voor hoefje…
De etappe van de dag was:
















































































